Inbouwspots plaatsen

Inleiding

Inbouwspots worden meestal gebruikt als direct licht. In dit geval wordt het licht op een specifiek oppervlak gericht.
De belichte voorwerpen krijgen extra aandacht doordat vorm en volume worden benadrukt.

Soorten inbouwspots

Halogeenlampen 12V
Halogeenlampen van 12V dienen steeds gebruikt te worden met een transformator.

Halogeenlampen 230V
Halogeenlampen van 230V worden rechtstreeks op het elektriciteitsnet aangesloten zonder tranformator.

Brandveiligheid! De juiste keuze, rekening houdend met het plafond en de isolatie!

Keuze inbouwspots

Voor de keuze van je inbouwspots moet je in de eerste plaats rekening houden met het feit dat de temperatuur van zo’n halogeenspot zeer hoog kan oplopen!

Gipsplaten in combinatie met glaswol
Gipsplaten en glaswol zijn onbrandbaar.
Hier is er geen probleem om met inbouwspots te werken

Vezelplaten in combinatie met polystyreenplaat
Deze combinatie vormt echter een ander paar mouwen.
Er moet uiterst voorzichtig worden omgesprongen met de spotgaten!. De polystyreenplaat rondom de spotgaten dient ver genoeg verwijderd te worden. 

Keuze bedrading

Voor de keuze van de bedrading hou je rekening met het soort halogeenspot.

Halogeenspots 12V
Kies je voor halogeenspots van 12V, dan gaat er tamelijk wat stroom door de bedrading en moet je de bedrading dik genoeg nemen.
Doe je dat niet, dan loop je het risico op oververhitting van de draden.
Je kan ook een spanningsval hebben als je de lampjes van lamp tot lamp verbindt, waardoor de laatste lampjes in de ketting flauwer gaan branden.
Je moet dus draad kiezen van 2,5 tot 4mm² om van lampje tot lampje te gaan.
Of je neemt een bedrading van 2,5mm² en kiest een centraal punt om vanaf daar telkens naar elk afzonderlijk spotje te gaan.

Halogeenspots 230V
Indien je te werk gaat met gewone halogeenspots op 230V heb je voldoende aan draad van 1,5mm². 

Keuze tussen bedrading met of zonder omhulsel

Moet de bedrading nu in een buis of niet? 
Hieromtrent bestaat geen enkele verplichting.

Maar!
Ofwel heb je losse VOB-draad (stijf) en die moet in een buis (draad mag je nooit los op de muren of in de plafonds leggen omdat deze maar enkel geïsoleerd is, waardoor het risico op elektrocutie en brand vergroot eens deze isolatie is geschonden).

Ofwel neem je kabel met de nodige aders erin: Enkel XVB-kabel is toegestaan of speciale hittebestendige siliconenkabel. 
Gezien de mantel van de XVB-kabel vlamvertragende eigenschappen bezit vormt deze een veel minder groot risico.

Tenslotte zorg je ervoor dat de kabel of buis netjes vastgemaakt is zodat deze niet kan smelten tegen de hete halogeenspots. 

Inbouwspots plaatsen

Veiligheid boven alles! Het kan niet genoeg herhaald worden. Schakel bij elke klus daarom de stroom uit door de zekering van de stroomkring waaraan u gaat werken uit te schakelen.

Indien er nog geen gat is in uw plafond, moet dit nog geboord worden. Zorg dat u hiervoor het juiste formaat klokboor gebruikt. Deze informatie vindt u in de gebruiksaanwijzing en op de verpakking van de inbouwspots.

Door de warmteontwikkeling van een halogeenspot, dient u een minimale afstand van 10 à 15cm te respecteren tussen het vals plafond en het bovenliggende (isolatie)materiaal. Indien u deze afstand niet respecteert, riskeert u brandgevaar. Deze minimale inbouwdiepte staat duidelijk vermeld op de verpakking en in de gebruiksaanwijzing van de inbouwspots.

Naast de inbouwdiepte, moet bovendien een minimale afstand van 30cm tussen de onderlinge inbouwspots gerespecteerd worden.

Indien u een bestaande inbouwspot wenst te vervangen door een nieuwe, zorg dan dat u een inbouwspot kiest waarvoor een boorgat van dezelfde diameter vereist is. Anders zal het niet in uw plafond passen. De vereiste diameter van het boorgat vindt u op de verpakking en in de gebruiksaanwijzing van de inbouwspots.

Klik langs beide zijden de veren op de inbouwspots. Zorg dat de lange zijde van de veer altijd aan de bovenzijde van de inbouwspot zit. 

Schroef het contactdoosje open.

Trek de kabel door het boorgat en strip de kabels bloot (max. 1cm). Sluit de draden aan d.m.v. de lusterklem in het contactdoosje. Houd bij de aansluiting van de bedrading de juiste kleuren in acht: blauw (N), bruin of zwart (L) en indien beschermklasse I, geelgroen (aardleiding).

Opmerking
Indien u meerdere inbouwspots wenst te plaatsen en deze gelijktijdig wilt bedienen, moeten deze parallel geschakeld worden. Dat betekent dat u in elk contactje van de lusterklem 2 draden moet aansluiten (2 bruine en 2 blauwe), waarvan er telkens 1 naar de volgende inbouwspot vertrekt. Op deze manier kan u ze allemaal samen laten branden, dimmen en uitschakelen.

Indien er gewerkt wordt met inbouwspots van 12volt moet een transformator gebruikt worden.

Draai de schroefjes van de lusterklem goed aan zodat ze niet kunnen loskomen. Draai steeds de (klem)schroeven van alle elektrische aansluitingen stevig aan, vooral de bevestigingen van de 12V-laagspanningdraden (indien van toepassing).

Schroef het contactdoosje terug dicht.

Schuif de inbouwspot in het boorgat door de veren samen te drukken. Zorg dat de korte veertjes buiten het boorgat blijven, zodat de spot vastgeklemd wordt.

Schakel de stroom terug in door de zekering terug op te zetten.

Uw  inbouwspot is nu klaar voor gebruik.

Inbouwspots vervangen

Verwijder de ronde metalen veer die ervoor zorgt dat de lamp in de inbouwspot blijft zitten, zodat de lamp uit de inbouwspot komt.

Neem de fittinghouder en de lamp vast en draai de lamp een kwartslag naar links om deze los te maken.
Plaats een nieuwe lamp en draai deze een kwartslag naar rechts om ze vast te zetten.

Plaats de ronde veer weer op haar plaats, zodat de lamp blijft zitten in de inbouwspot.

Tips

  • Indien je de inbouwspots wenst te plaatsen in de badkamer, zorg dan dat je inbouwspots neemt die hiervoor geschikt zijn (controleer de IP-waarde op de verpakking).
  • De fabrikant adviseert een juiste toepassing van verlichtingsarmaturen! Volg én bewaar daarom de gebruiksaanwijzing voor een veilige en betrouwbare installatie en werking van het armatuur.
  • Raadpleeg bij twijfel steeds een vakman of het verkooppunt.
    Leef in ieder geval de installatievoorschriften na.
  • Door de warmteontwikkeling van inbouwspots is brandgevaar geen onbestaand risico.
    Zorg er daarom voor dat de inbouwspots niet worden bedekt door isolatie.

Materiaallijst

Materiaal

Gereedschap

In samenwerking met: